• Siebold

9 augustus 1823 — Dag 43

Sieboldblog nagasaki 1

Baai van Nagasaki

Iedere dag een stukje uit het dagboek van Siebold van de reis van Batavia naar Japan in het jaar 1823.

9 augustus 1823 — Dag 43
Al vroeg in de morgen kwamen enkele boten met Japanse officieren naar ons schip met papieren van het opperhoofd van de Nederlandse handel op Deshima. Ze bevatten enkele algemene vragen over de naam van het schip en van de kapitein, over het aantal en de toestand van het personeel aan boord, e.d. We hezen meteen onze geheime vlag, die we, naast bijzondere gedragsregels voor het aankomen bij de Japanse kust, in Batavia hadden gekregen, en salueerden de Nederlandse vlag op het eiland Iwo Sima (Ilha Dos Cavallos). De vlag werd op de heuvel van dit eiland neergezet, om ons dit eiland en daarmee te ingang van de baai aan te wijzen.

Eindelijk lukte het ons de noordpunt van het eiland te omzeilen, waarna enkele Japanse officieren en tolken aan boord kwamen om de officiële papieren en enige leden van de bemanning als gijzelaars in ontvangst te nemen. Ze meldden ons, dat er snel een voorname Japanse officier, een zogenaamde Opperbanjoost, en enige Nederlandse afgevaardigden van de factorij aan boord te zouden komen. Sinds het voorval met het Engelse oorlogsschip Phaedon onder kapitein Pellew in het jaar 1808, die onder een Hollandse vlag naar binnen zeilde en de aan boord gekomen Hollanders gevangengenomen had, gebruikte de Japanse regering de voorzorgsmaatregel, alvorens de bovengenoemde officier en de Nederlandse afgevaardigden zich aan boord van het schip begaven, enkele personen van de bemanning als gijzelaars te vorderen en naar Deshima te laten brengen. Ook moest de vanaf die tijd de Hollandse schepen eerst een poosje op de rede bij het eiland Takaboko (Papenberg) in het zicht van de keizerlijke wacht voor anker gaan.

Met de zuidoostenwind konden wij onmogelijk verder de baai inzeilen. We kregen daarom sleepbootjes, wel meer dan 60 van de zojuist beschreven vissersboten. Maar zware windstoten noodzaakten ons weer voor anker te gaan. Nu kwamen er verschillende lichte vaartuigen tevoorschijn die rond ons schip voor anker gingen, het waren de zogenaamde wachtschepen. Dat zijn kleine, onbeduidende vaartuigen, die wel voor observatie, maar niet voor bescherming en verdediging gebruikt kunnen worden. Ze voerden eigenaardige vlaggen — langwerpige driehoekige standaarden gemaakt van bamboestangen, met wapens en opschriften in Chinees schrift. 's Avonds werden ze door veelkleurige lantarens verlicht, en eenzelfde verlichting zagen we ook op meerdere plaatsen in de baai, namelijk daar, waar wachten en batterijen waren. Helaas kwam aan dit mooie schouwspel s al snel een einde door hevige windstoten en stortbuien.


Het is dit jaar precies 200 jaar geleden dat Siebold aankwam in Japan. Hij vertrok op 28 juni 1823 vanaf Batavia voor de zes weken durende overtocht. Zijn verslag van deze reis werd voor het eerst gepubliceerd in 1897, in de heruitgave van zijn monumentale werk Nippon. Ter gelegenheid van de tweehonderdste verjaardag van deze reis zullen wij gedurende de komende zes weken zijn reis volgen aan de hand van dit reisverslag.


Bron: Siebold, Ph. Fr. von., Nippon. Archiv zur Beschreibung von Japan und dessen Neben- und Schutzländern Jezo mit den südlichen Kurillen, Sachalin, Korea und den Liukiu Inseln. Herausgegeben von seine Söhnen. Würzburg und Leipzig, 1897.

Vertaling Martien J. P. van Oijen

Lees verder over Siebold